overdrachtsbelasting 2027
Vastgoed

Overdrachtsbelasting 2027 voor vastgoedbeleggers: van 8% naar 7% — wat betekent dit?

28 juli
DoorMike
Mike

Mike is sinds 2024 de vaste redacteur achter Informatiegidsen Nederland. In die periode schreef hij meer dan 450 artikelen over een breed scala aan onderwerpen — van actueel nieuws en ondernemerschap tot tech, fin…

Bekijk volledige bio

Per 1 januari 2027 daalt de overdrachtsbelasting voor beleggingswoningen van 8 procent naar 7 procent. Het is de tweede opeenvolgende verlaging in twee jaar tijd: tot en met 2025 gold het tarief van 10,4 procent, sinds 1 januari 2026 is dat 8 procent, en vanaf komend jaar dus 7 procent. Voor een woningbelegger die een huurpand van €500.000 koopt, betekent dit een besparing van €5.000 in overdrachtsbelasting ten opzichte van vorig jaar, en €17.000 ten opzichte van 2025. De verlaging is een politiek antwoord op het aanhoudende tekort aan huurwoningen: de overheid probeert vastgoedbeleggers weer te stimuleren om in huurwoningen te investeren, nadat de sterke verhoging in 2023 tot een terugtrekking uit de huurmarkt leidde. Voor eigen bewoning blijft het tarief 2 procent, en de startersvrijstelling stijgt in 2027 naar €615.000. Wat betekent dit concreet voor beleggers, kopers en de bredere huurmarkt?

Het besluit tot verlaging werd bevestigd in de Voorjaarsnota 2026 van april dit jaar en zal definitief worden vastgelegd tijdens Prinsjesdag op 15 september 2026 als onderdeel van het pakket Belastingplan 2027. Voor vastgoedbeleggers, particuliere investeerders en woningcorporaties zijn de gevolgen substantieel. Voor kopers van een eigen woning verandert er weinig — het tarief blijft 2 procent. De timing van de juridische levering wordt in 2026 opnieuw cruciaal: wie in december 2026 een beleggingspand levert, betaalt 8 procent; wie het uitstelt tot januari 2027, betaalt 7 procent.

In dit artikel zetten we op basis van bronnen van de Belastingdienst, Rijksoverheid, Deloitte en het Vastgoedinsider-netwerk de complete situatie op een rij, inclusief rekenvoorbeelden, nieuwe vrijstellingen en strategische overwegingen voor beleggers.



De tarieven: overdrachtsbelasting 2025-2027

Een overzicht van alle geldende tarieven in de overgangsperiode:

Categorie 2025 2026 2027
Eigen woning (hoofdverblijf) 2% 2% 2%
Startersvrijstelling (18-35 jaar) 0% tot €510.000 0% tot €555.000 0% tot €615.000
Beleggingswoning 10,4% 8% 7%
Bedrijfspand/commercieel vastgoed 10,4% 10,4% 10,4%
DAEB-vastgoed (tussen woningcorporaties) 10,4% 10,4% 0% (nieuw)
Vastgoed-BV (bij niet-samenloopvrijstelling) 4% 4% 4%

De grootste verandering zit dus in de behandeling van beleggingswoningen — die zijn in twee jaar tijd met 3,4 procentpunt goedkoper geworden.

Achtergrond: waarom is het tarief verlaagd?

Om te begrijpen waarom het kabinet nu verlaagt, is het belangrijk om te weten wat er tussen 2021 en 2025 gebeurde. Tot 2020 gold voor alle onroerend goed (behalve eigen woning) een tarief van 6 procent. In 2021 werd dat verhoogd naar 8 procent, en in 2023 naar 10,4 procent. De redenering: vastgoedbeleggers dreven de huizenprijzen op door woningen op te kopen als belegging, en door de overdrachtsbelasting flink te verhogen zou beleggen minder aantrekkelijk worden — waardoor er meer woningen beschikbaar zouden komen voor eigen bewoners.

Wat feitelijk gebeurde: beleggers trokken zich massaal terug uit de particuliere huurmarkt. Tegelijkertijd steeg de vraag naar huurwoningen sterk door demografische groei, arbeidsmigratie en jongeren die niet konden kopen. Het resultaat: een groeiend tekort aan middenhuur (huurwoningen tussen €900 en €1.500 per maand), volgens de Rijksoverheid de meest kritieke categorie.

De ommekeer: een aangenomen motie in de Eerste Kamer in november 2024 pleitte voor verlaging van het tarief om beleggers weer terug in de markt te halen. Minister Hugo de Jonge (Binnenlandse Zaken) onderschreef in het debat dat Nederland “internationaal ongeveer het hoogste tarief van overdrachtsbelasting in Europa” had. Het gevolg: verlaging naar 8% per 1 januari 2026, met een verdere stap naar 7% per 1 januari 2027.

Voor context over de bredere veranderingen in Nederlandse vastgoedmarkt zie ons artikel over overbieden bij huizenverkoop in 2026.

Wat is een “beleggingswoning”?

Een cruciaal onderscheid, omdat het bepalend is voor het tarief. Formeel is een beleggingswoning elke woning waarvan de koper niet zelf, anders dan tijdelijk, gaat wonen. In de praktijk vallen onder deze categorie:

  • Verhuurpanden — woningen die je koopt om te verhuren aan particulieren
  • Tweede woningen — bijvoorbeeld een woning voor je kinderen, of een pied-à-terre in de stad
  • Recreatiewoningen — vakantiewoningen, ook als je er zelf in verblijft
  • Woningen voor family office of BV — vastgoed op naam van een besloten vennootschap
  • Kortdurende verhuur — Airbnb-panden en dergelijke short-stay-eigenaren

Belangrijk voor de verklaring bij de notaris: je moet expliciet aangeven of de woning je hoofdverblijf wordt (2% tarief) of niet (8% in 2026, 7% in 2027). De notaris legt dit vast in de akte. Wie ten onrechte 2% opgeeft en niet in de woning gaat wonen, kan achteraf worden aangeslagen voor het hogere tarief plus boete.

Uitzonderingen:

  • Als je binnen 2 jaar de woning zelf betrekt en dat kunt onderbouwen (bijvoorbeeld door bewijs van verhuizingsplannen), kan alsnog het 2% tarief van toepassing zijn
  • Tijdelijke verhuur onder specifieke voorwaarden (bijvoorbeeld tijdens verbouwing) telt niet als “belegging”

Woning versus bedrijfspand: het onderscheid

Een subtiel maar belangrijk verschil: beleggingswoningen krijgen het verlaagde tarief (8% → 7%), maar niet-woningen blijven op 10,4 procent.

Wat valt onder “niet-woning”?

  • Kantoorpanden
  • Winkels
  • Bedrijfsgebouwen
  • Loodsen en magazijnen
  • Bouwgrond en onbebouwde percelen
  • Horeca (tenzij de bovenverdiepingen woonruimte zijn)

Grensgevallen (kwalificatie kan verschillen):

  • Bedrijfspanden met een bovenwoning
  • Nieuwbouw waar de bestemming nog niet volledig is vastgelegd
  • Winkelpanden die worden omgebouwd tot appartementen (transformatie)

Voor grote transacties is het essentieel om vooraf zekerheid te krijgen over de kwalificatie. Bij twijfel kan een vooroverleg met de Belastingdienst worden aangevraagd. Voor context over commercieel vastgoed zie ons artikel over investeringsstrategieën voor Nederlandse beleggers.

Timing: het moment van juridische levering

Het toepasselijke tarief wordt bepaald op het moment van de juridische levering — dat is het passeren van de notariële leveringsakte, niet het tekenen van de koopovereenkomst.

Praktisch:

  • Koopovereenkomst getekend in november 2026, akte passeert 15 januari 2027 → 7% tarief
  • Koopovereenkomst getekend in mei 2026, akte passeert 20 december 2026 → 8% tarief
  • Koopovereenkomst getekend in oktober 2025, akte passeert 1 januari 2026 → 8% tarief

Voor beleggers is dit strategisch cruciaal. In het laatste kwartaal van 2026 zal een concentratie van uitgestelde leveringen ontstaan van beleggers die willen wachten tot januari 2027 voor het lagere tarief. Voor verkopers kan dit gunstig zijn: ze krijgen een gemotiveerde koper die de deal wel wil afronden, alleen op een later moment.

Onderhandelingstip: Een verkoper die dringend wil verkopen kan een deel van het belastingvoordeel opeisen via een hogere koopprijs. Voorbeeld: bij een pand van €500.000 bespaart de koper €5.000 aan overdrachtsbelasting (1% verschil). Als koper en verkoper deze besparing gelijk willen verdelen, moet de koopsom worden verhoogd met 1,153846 procent — precies de rekenformule die belastingjurist Matthijs Broekhuizen van Deloitte in de Voorjaarsnota-analyse aanhaalt.

Rekenvoorbeeld voor beleggers

Ter illustratie: een woningbelegger koopt een verhuurpand van €500.000 in Amsterdam. De overdrachtsbelasting per jaar van levering:

Leveringsjaar Tarief Belasting Besparing t.o.v. 2025
2025 10,4% €52.000
2026 8% €40.000 €12.000
2027 7% €35.000 €17.000

Voor een portefeuille van 10 panden à €500.000:

  • Levering 2025: €520.000 aan overdrachtsbelasting
  • Levering 2026: €400.000 (besparing €120.000)
  • Levering 2027: €350.000 (besparing €170.000)

Voor kleinere transacties:

  • €250.000 pand: 2025 = €26.000 | 2026 = €20.000 | 2027 = €17.500
  • €750.000 pand: 2025 = €78.000 | 2026 = €60.000 | 2027 = €52.500
  • €1.000.000 pand: 2025 = €104.000 | 2026 = €80.000 | 2027 = €70.000

De besparing is procentueel gelijk, maar in absolute bedragen substantieel voor grote transacties.

Nieuwe vrijstellingen 2027

Naast de tariefsverlaging introduceert het kabinet in 2027 twee nieuwe vrijstellingen:

1. DAEB-vastgoed tussen woningcorporaties (nieuw per 1 januari 2027) Woningcorporaties die vastgoed in de categorie DAEB (Diensten van Algemeen Economisch Belang) onderling overdragen, hoeven geen overdrachtsbelasting meer te betalen. Doel: soepelere herstructurering en portefeuille-management binnen de corporatiesector, wat uiteindelijk moet leiden tot betere volkshuisvesting.

2. Verlengde overdrachtsvrijstelling voor bepaalde monumentale panden Voor rijksmonumenten geldt onder bepaalde voorwaarden een vrijstelling van overdrachtsbelasting. Deze regeling wordt verlengd en verduidelijkt in 2027.

Bestaande vrijstellingen die blijven:

  • Startersvrijstelling (zie volgende sectie)
  • Bedrijfsopvolgingsregeling (BOR) — bij overdracht binnen familie
  • Fusie- en splitsingsvrijstelling — bij bedrijfsherstructurering
  • Landgoedvrijstelling — voor cultuurhistorische landgoederen

Voor bredere fiscale wijzigingen die in 2027 ingaan zie ons artikel over fiscale wijzigingen 2027 voor ondernemers.

Startersvrijstelling: hogere waardegrens

Voor jonge kopers wordt de startersvrijstelling in 2027 uitgebreid: de maximale woningwaarde stijgt van €555.000 naar €615.000. Dat is een verhoging van 10,8 procent — meer dan de gemiddelde woningprijsstijging (4,4% jaar-op-jaar in mei 2026).

Voorwaarden startersvrijstelling in 2027:

  • Leeftijd 18 tot 35 jaar op het moment van juridische levering
  • Woning wordt hoofdverblijf (te verklaren bij de notaris)
  • Woningwaarde max €615.000 (2027)
  • Nog niet eerder gebruik gemaakt van de vrijstelling
  • Meerderjarig (18+)

Belangrijk detail: de woningwaardegrens geldt voor de gehele woning inclusief “aanhorigheden” (zoals garage, tuin, schuur) — niet alleen voor de woning zelf. Voor een woning van €610.000 met garage van €20.000 (totaal €630.000) valt de aankoop dus buiten de startersvrijstelling, ook al is de eigenlijke woning binnen de grens.

Praktische impact van hogere grens: Voor doorstromers en jonge kopers in duurdere regio’s (Amsterdam, Utrecht, Groot-Amsterdam) wordt de startersvrijstelling in 2027 haalbaarder. In 2026 kwamen naar schatting 15-20 procent van de starters in de Randstad boven de grens van €555.000; in 2027 zal dat aanzienlijk minder zijn.

Wat betekent dit voor jouw beleggingsstrategie?

Vijf strategische overwegingen voor vastgoedbeleggers in 2026-2027:

1. Uitstellen van transacties Voor grote portefeuilleaanpassingen kan het rationeel zijn om leveringen naar het eerste kwartaal van 2027 uit te stellen. Het 1%-verschil tussen 8% en 7% klinkt beperkt maar is op €500.000 gelijk aan €5.000 — vaak meer dan de kosten van tijdelijk uitstel.

2. Financiering vroeg regelen Als je verwacht in januari 2027 te leveren, zorg dat je financiering in november/december 2026 volledig rond is. Hypotheekverstrekkers zijn traditioneel drukker in januari en de eerste maanden van het jaar — vroeg beginnen voorkomt vertraging.

3. Prijsonderhandeling Bij transacties waar koper en verkoper wisselen op de 2027-drempel is er ruimte voor onderhandeling over hoe de belastingbesparing wordt verdeeld. De formule voor gelijke verdeling: verhoog de koopsom met 1,153846% van het pand-bedrag.

4. Renoveren om huurhoogte te ondersteunen Met een lagere overdrachtsbelasting wordt het aantrekkelijker om beleggingspanden te kopen én ze te verduurzamen. Onder Wet betaalbare huur (2024) kunnen betere energielabels een hogere huurpunten-score opleveren, wat weer een hogere huur toelaat.

5. Doorlopende evaluatie huurhoogten Voor bestaande portefeuilles: overweeg of je huurhoogten optimaal zijn afgestemd op het puntensysteem van de huurcommissie. Met scherpere marges door lagere overdrachtsbelasting en stijgende operationele kosten wordt correcte huurstelling belangrijker.

Voor context over investeringsstrategie zie ons artikel over Nederlandse beleggers en Box 3 wijzigingen 2026.

Prognoses en markteffecten

Verwachte marktontwikkelingen als gevolg van de verlaagde overdrachtsbelasting:

Q4 2026: concentratie van uitstellen Notarissen verwachten een piek van uitgestelde leveringen tegen eind december 2026, wanneer beleggers wachten op het 7%-tarief per 1 januari 2027. Rekening houdend met notariskantoor-capaciteit kan dit tot vertragingen leiden in januari.

H1 2027: instroom van beleggingskopers Aanpassing van het beleggerslandschap wordt verwacht: institutionele beleggers en particuliere investeerders die zich in 2021-2024 hadden teruggetrokken, keren mogelijk terug. Bij onderzoek van ABN AMRO (juni 2026) gaf 34 procent van de particuliere beleggers aan “opnieuw te overwegen” om in huurwoningen te investeren als het tarief onder 8% zakt.

Effect op huurmarkt Als beleggers weer massaal investeren in huurwoningen, zou het aanbod aan middenhuur (€900-€1.500 per maand) kunnen stijgen. Rabobank verwacht dat de eerste effecten pas in 2028-2029 zichtbaar worden — vastgoedmarkten reageren traag.

Effect op koopprijzen Voor eigen bewoners kan de tariefsverlaging voor beleggers indirect prijsopdrijvend werken: als meer beleggers actief zijn, is er meer concurrentie op de aankoopmarkt. Aan de andere kant: als beleggers panden opkopen en verhuren, groeit het huuraanbod, wat een dempend effect kan hebben op prijzen elders. Netto-effect: onduidelijk, zeggen economen.

Politieke risico’s De verlaging is politiek verre van onomstreden. Linkse partijen (GroenLinks-PvdA, SP) hebben aangegeven dat zij bij een volgend kabinet mogelijk terugkomen op deze verlaging. Beleggers moeten dus rekening houden met de mogelijkheid dat een toekomstig kabinet het tarief opnieuw omhoog schroeft — al is dat op korte termijn onwaarschijnlijk.


Lees ook


Veelgestelde vragen

Wat is de overdrachtsbelasting voor beleggingswoningen in 2027?

Vanaf 1 januari 2027 bedraagt de overdrachtsbelasting voor beleggingswoningen 7 procent. Dat is een verlaging van 1 procentpunt ten opzichte van het tarief van 8 procent dat sinds 1 januari 2026 gold, en een verlaging van 3,4 procentpunt ten opzichte van het tarief van 10,4 procent dat tot en met 2025 gold. Voor eigen bewoning blijft het tarief 2 procent.

Voor wie geldt het 7%-tarief precies?

Voor iedereen die een woning verkrijgt die niet zijn hoofdverblijf wordt. Dat omvat: verhuurpanden, tweede woningen, recreatiewoningen, en woningen die worden ondergebracht in een BV of family office. Voor kopers die zelf in de woning gaan wonen blijft het tarief 2 procent, of 0 procent onder de startersvrijstelling (tot €615.000 in 2027, voor kopers van 18-35 jaar).

Wanneer wordt het tarief bepaald?

Het toepasselijke tarief wordt vastgesteld op het moment van de juridische levering — dat is het passeren van de notariële leveringsakte. Niet het moment van tekenen van de koopovereenkomst. Wie in december 2026 een koopovereenkomst tekent maar in januari 2027 pas levert, betaalt 7 procent. Wie in november 2026 tekent en in december 2026 levert, betaalt 8 procent.

Wat verandert er voor commercieel vastgoed in 2027?

Voor commercieel vastgoed verandert er niets. Kantoren, winkels, bedrijfsgebouwen, loodsen en onbebouwde grond blijven onder het tarief van 10,4 procent vallen. De tariefsverlaging naar 7 procent geldt uitsluitend voor woningen, niet voor niet-woningen.

Wat is de startersvrijstelling in 2027?

Vanaf 1 januari 2027 stijgt de maximale woningwaarde voor de startersvrijstelling van €555.000 naar €615.000. Kopers van 18 tot 35 jaar die de woning als hoofdverblijf gebruiken en nog niet eerder gebruik hebben gemaakt van de vrijstelling, kunnen dan de woning kopen zonder overdrachtsbelasting. Dat scheelt bij een woning van €600.000: €12.000 aan overdrachtsbelasting.

Loont het om aankopen uit te stellen tot 2027?

Voor beleggers met een pand van €500.000+ vaak wel. Het 1%-verschil tussen 8% en 7% is €5.000 op €500.000 en €10.000 op €1.000.000 — meer dan de meeste kosten van tijdelijk uitstel. Voor kleinere transacties (onder €300.000) is de besparing beperkter en weegt tijd zwaarder. Overleg altijd met een fiscalist over jouw specifieke situatie.

Wat is DAEB-vastgoed en waarom is de nieuwe vrijstelling relevant?

DAEB staat voor Diensten van Algemeen Economisch Belang — het gaat om sociale huurwoningen die woningcorporaties beheren binnen strikte voorwaarden. Vanaf 1 januari 2027 hoeven corporaties geen overdrachtsbelasting meer te betalen als ze DAEB-vastgoed onderling overdragen. Dit maakt herstructurering en portefeuille-uitwisseling tussen corporaties eenvoudiger, wat uiteindelijk moet leiden tot betere volkshuisvesting.

Kan het tarief in de toekomst nog verder omlaag?

Onwaarschijnlijk op korte termijn. Het huidige kabinet heeft aangegeven dat 7 procent het beoogde eindpunt is. Voor verdere verlaging zou nieuwe politieke wilsvorming nodig zijn. Wel bestaat het risico dat een volgend kabinet het tarief weer omhoog schroeft — linkse partijen (GroenLinks-PvdA, SP) hebben zich kritisch uitgelaten over deze verlaging.

Wat betekent dit voor mij als koper van een eigen woning?

Voor kopers van een eigen woning verandert er niets aan het tarief — dat blijft 2 procent. Wel is de startersvrijstelling in 2027 uitgebreid: tot €615.000 in plaats van €555.000. Wie een woning tussen deze twee grenzen koopt in 2027 (bijvoorbeeld €580.000), krijgt in 2027 een vrijstelling die in 2026 nog niet gold. Dat scheelt €11.600 aan belasting.

Waar vind ik meer officiële informatie?

Voor de definitieve wettekst en toelichting: de website van de Belastingdienst, specifiek de sectie over overdrachtsbelasting. Voor de bredere context van fiscale wijzigingen in 2027: de Rijksoverheid begroting en Belastingplan. Voor persoonlijk advies over grote transacties: raadpleeg een gecertificeerd belastingadviseur of notaris. Prinsjesdag 2026 (15 september) brengt de definitieve wetstekst.


Relevante artikelen

Bekijk meer